Terug
Deze site is voor het laatst bijgewerkt op 30-04-2012 ©The Sounding Burrows

Vachtverzorging

Een lakelandje moet getrimd worden. Dat wil zeggen dat iedere 3 tot 4 maanden de oude vacht met de hand geplukt moet worden om de nieuwe haren door te laten komen. Als je hem er netjes uit wilt laten zien, moet hij na de trimbeurt ook nog nagewold worden. Dat gebeurt zo'n 6 tot 8 weken na de trimbeurt.

Trimmen gebeurt met de hand, hooguit met de hulp van een bot trimmes. Dat mes mag niet scherp zijn, want de haren mogen niet afgesneden worden. Het is alleen maar een hulpmiddel om de haren beter te pakken te krijgen. En het is belangrijk de huid van de hond niet te beschadigen met te scherp materiaal. Met een te scherp trimmes kun je de huid krassen en dit leidt tot jeuk en narigheid. Tegenwoordig bestaat er ook een nieuw soort kam, de furminator. Deze kan ideaal zijn om ondervacht te verwijderen. Ik gebruik hem graag, maar met mate. Want je moet er bijzonder voorzichtig mee zijn. Het is wat men noemt een 'scherpe' kam en kan de huid ernstig beschadigen. Werk op kleine stukjes en zorg de huid niet te raken. Werk ook niet op een ongekamde vacht (d.w.z. de vacht moet eerst met een gewone kam en borstel uitgeborsteld zijn, zodat klitten e.d. verwijderd zijn en de vacht los op de huid ligt), anders snijdt of breekt hij de haren af en krijg je het effect van een geknipte of geschoren hond.

Scheren en knippen is uit den boze en kan leiden tot huidproblemen! Er zijn wel gevallen waarin het mogelijk is de hond te knippen of scheren, bijvoorbeeld als de hond al oud is en het hem fysiek te zwaar is om een hele trimbeurt op de tafel te blijven staan. En soms kan het beter zijn als de hond huidproblemen heeft om de huid niet extra te irriteren.

Laat je echter niet te gauw vertellen dat de hond geen geschikte trimvacht heeft. Trimmen is een fysiek zware arbeid en heel wat trimsalons hebben liever honden die geknipt of geschoren worden, omdat dit de rug en handen van de trimmer spaart. Wil de trimsalon je aanpraten dat je Lakeland niet geschikt is om te trimmen, zoek dan eerst eens een andere trimsalon of trimmer op. De Lakeland heeft een zwaarder te trimmen vacht dan bv. een Ierse terrier of een Cairn terrier. Dat neemt niet weg dat het toch echt een trimvacht is!

Even de voor- en nadelen van scheren op een rijtje:
Het is lichter werk voor de trimmer
Er hoeft niet gelet te worden op de trimrijpheid van de vacht, de hond kan naar de trimmer wanneer het je uitkomt
Voor een oude hond kan het een opluchting zijn om niet meer zo lang op tafel te hoeven staan
Doordat de haren niet meer echt verwijderd worden kan de hond jeuk krijgen.
Dit komt vooral voor als de hond op te jonge leeftijd geschoren wordt en de puppyvacht niet goed verwijderd is. Bij een oude hond gaat het meestal wel goed.
Bij Lakelandjes is scheren meestal niet mooi, omdat de vacht lichter van kleur wordt en zachter van structuur.
Door de zachtere structuur wordt de vacht ook eerder vuil en aangezien veelvuldig wassen van de hond het probleem alleen verergert en huidproblemen kan veroorzaken, is de enige oplossing vaker scheren, zodat de vacht kort en daardoor makkelijk schoon te houden blijft.
Om de hond netjes in model te brengen is ook d.m.v. scheren veel werk en het moet veel vaker gedaan worden dan trimmen. Het levert daarom géén echte tijdwinst op!
Bij rode en grizzle and tan Lakelands gaat de vacht, omdat hij zachter wordt, veel meer krullen, waardoor een poedeleffect ontstaat. Dat is niet mooi en de hond ziet er niet meer rastypisch uit. Bij zwart is dit in mindere mate het geval, omdat de haren meer pigment bevatten en daardoor steviger zijn.
Wanneer je overgaat op scheren, kun je niet een twee drie terug naar trimmen als het niet bevalt. Het kan maanden duren voor je de vacht weer in een goede trimconditie hebt en de manier van trimmen om die goede trimvacht terug te krijgen is veel zwaarder.

Alleen de haren tussen de tenen, rond de geslachtsdelen en de anus mogen geknipt worden. De haren in de oren moeten haartje voor haartje uitgetrokken worden, aangezien anders een dikke prop haren in het oor ontstaat die kan leiden tot oorontstekingen en andere narigheid. Als de hond echter erg zwaar haar heeft, is het soms handig deze haren afwisselend de ene trimbeurt te knippen en de volgende uit te trimmen, omdat de haren door het knippen aan kwaliteit verliezen en vervolgens makkelijker uit te trimmen vallen.

Het is dus zaak een goede trimsalon te vinden: vraag rond bij mensen, ga eens kijken, praat met de mensen van de salon etc. Vroeger konden alleen gekwalificeerde mensen een dergelijke zaak openen, tegenwoordig kan eigenlijk iedereen een trimsalon beginnen, dus let goed op. Als je Lakey geknipt thuiskomt, ben je maandenlang, soms wel jarenlang bezig om dat weer goed te krijgen en het kost heel veel moeite.

Het vinden van een goede trimsalon is overigens niet altijd makkelijk, want ook als de hond wel getrimd wordt, maar te hardhandig of met de verkeerde hulpmiddelen kan dit leiden tot huidproblemen. Vaak gebruikt de trimsalon dat dan weer als excuus om de hond niet meer te hoeven trimmen en over te mogen gaan op scheren. Maar als de huid geïrriteerd is helpt scheren ook niet. Integendeel: al die kleine stukjes priegelhaar geven juist jeuk en de hond wassen maakt het erger (shampoo, ook speciale hondenshampoo, tast altijd de normaalwaarde van de huid aan en verergert huidproblemen - zelf was ik mijn honden nooit en heb ook nooit last van huidproblemen bij mijn hondjes). Het is dus zaak een goede trimmer te vinden. De Nederlandse Lakeland Terrier Club kan hier soms bij helpen. Een andere goede optie is zelf te leren hoe de hond getrimd moet worden. De Club biedt daarvoor trimdagen aan en het is echt niet zo heel moeilijk. Ook hoeft het niet zo zwaar te zijn als het voor een trimmer in de trimsalon is, omdat de hond niet in drie uur afgewerkt hoeft te worden, maar het werk over bv. een week uitgesmeerd kan worden. Ook kun je leren hoe je de hond in een 'rolling coat' houdt, zodat hij er altijd netjes getrimd uit ziet. Dit is wat fokkers doen met showhonden en het is eigenlijk de beste manier om de vacht van een Lakeland te onderhouden. Ik vind dit ook een echte aanrader, omdat het karakter van je hondje verandert met de lengte van zijn vacht. Zo zijn ze veel aanhankelijker en gezelliger als er weinig haar op zit, omdat ze het dan niet zo warm hebben. Met een volle vacht worden ze wat afstandelijker. Gewoon, omdat het warm is. En mijn honden zijn altijd trots als ze weer mooi getrimd zijn. Bijgehouden worden houdt voor hen in zich altijd mooi / prettig voelen.

Een ander probleem bij de trimsalon - ook de goede - is dat ze meestal het model van de Lakeland niet goed kennen en je krijgt hem terug als Foxterrier of Ierse terrier. Dat is niet zo erg, als de gebruikte techniek maar goed is. Je ziet het aan de kop, waar veel te veel haar af getrimt is. Ik kan dat nooit zo erg vinden: dan ziet de hond tenminste wat. Als je wilt showen met je hond is het een ander verhaal. Natuurlijk kun je je trimmer vragen om het model op te zoeken en eventueel contact op te nemen met de club om te leren de kop in het juiste model te trimmen.

Natuurlijk kun je je trimmer vragen om het model op te zoeken en eventueel contact op te nemen met de club om te leren de kop in het juiste model te trimmen, of je kunt zelf actief worden en besluiten zelf je hondje te trimmen. Het is niet echt moeilijk, alleen wel wat werk en de club organiseert trimdagen waar je kunt leren hoe je je hond moet trimmen. Daar kun je ook leren hoe je met de vacht om moet gaan als je hem bij wilt houden, zodat de hond er altijd netjes bijloopt. Dit vind ik een echte aanrader, omdat het karakter van je hondje verandert met de lengte van zijn vacht. Zo zijn ze veel aanhankelijker en gezelliger als er weinig haar op zit, omdat ze het dan niet zo warm hebben. Met een volle vacht worden ze wat afstandelijker. Gewoon, omdat het warm is. En mijn honden zijn altijd trots als ze weer mooi getrimd zijn. Bijgehouden worden houdt voor hen in zich altijd mooi / prettig voelen.

Buiten het trimmen om moeten ze natuurlijk geregeld gekamd en geborsteld worden. Twee keer in de week een goede borstelbeurt, gevolgd door een kambeurt over het hele lichaam. Je doet dit zachtjes en met beleid, maar je zet wel door, want ze willen allerlei andere dingen doen en er is nog zoveel te beleven. Wie wil er nou stilzitten?

Verder moeten hun nageltjes geknipt worden. Dit kun je doen met een klein nagelknippertje zoals dat voor mensen in gebruik is of met een nageltangetje voor knaagdieren. pas op voor het leven. Knip steeds een klein stukje en doe het geregeld. Tussen 9 en 18 weken iedere twee à drie dagen, daarna zo vaak als nodig is. Dat verschilt per hond en let op de extra teen aan de voorpoten: die moet goed bijgehouden worden, omdat hij niet op de grond slijt.

Hun tanden houd je schoon door ze geregeld botten van buffelhuid te geven. Je kunt ze ook poetsen met speciale tandpasta, maar ik heb dat nog nooit gedaan. Buffelhuidbotten, chocochips, chewees etc. doen hetzelfde op een natuurlijk manier. Ook een flostouw is ideaal (niet te klein en altijd alleen de witte – die zijn verteerbaar, de gekleurde kunnen ernstige darmproblemen geven) en een heel leuk speeltje.

Varkensoren en -neuzen geef ik ze niet. Sowieso is varkensvlees taboe vanwege de ziekte van Aujeszky.
Weliswaar worden sinds 1986 varkens daartegen ingeënt en daarom zijn die producten nu op de markt, maar echt vertrouwd is het niet. Verder check ik altijd zelf of ze tandsteen hebben en verwijder dit dan met een scaler. Laat je je hond bij de trimsalon trimmen, dan zit dit bij de meeste bij het trimmen in, anders kun je het ook zelf doen of het eventueel je dierenarts vragen.

Lakelandjes hoeven normaal gesproken niet gewassen te worden en meestal doet het meer kwaad dan goed. De vacht wordt zacht en neemt daardoor meer vuil op. Gevolg: je wilt hem weer wassen om dat op te lossen. Een uitzondering is natuurlijk als je hondje in iets echt vreselijk vies heeft liggen rollen of iets dergelijks. Zwemmen / spelen in een bijna droge sloot geeft ook een vreselijke lucht, maar afspoelen met schoon water (of laten zwemmen in schoner water) helpt al veel en als hij droog is, doet een goede borstelbeurt wonderen. De hond wassen omdat hij jeuk heeft is géén goed idee. Dierenartsen hebben er nogal een handje van om je allerlei shampoos aan te smeren, maar voor de Lakeland en de meeste andere honden doen deze meer kwaad dan goed. De hond in zee laten zwemmen en hem in schoon zand laten graven of rollen helpt veel beter (als hij weer droog is zorgvuldig uitborstelen) en bij gebrek aan zeewater in de buurt wil laten zwemmen in een natuurlijk meertje of beekje ook nog wel een goede oplossing zijn. Meer details over trimmen, maar ook over specifieke hondeziektes ed. vind je in de meeste goede hondeboeken en natuurlijk in het Nederlandstalige Lakelandterrier boek van Cees van Benthem en Hugo Stempher.

Meer details over trimmen, maar ook over specifieke hondeziektes ed. vind je in de meeste goede hondeboeken en natuurlijk in het Nederlandstalige Lakelandterrier boek van Cees van Benthem en Hugo Stempher.


V.l.n.r. trimmes, nagelknippertje, babyschaartje, kam


V.l.n.r. universeel borstel, nageltangetje, trimmes


Furminator

Overigens is de ondervacht bij lakelandjes altijd wat lichter van kleur, dan de (harde) bovenvacht. Na het trimmen zie je daardoor vaak een enigszins andere kleur verschijnen. Bij de zwarte toont de hond dan bruinig, bij de blauwe is het meer grijs. Dit verdwijnt weer als de hond is nagewold. Nawollen is namelijk niets anders dan het verwijderen van de overtollige ondervacht om de nieuwe bovenvacht goed door te kunnen laten komen.

Je weet wat de ondervacht is en wat de bovenvacht door te voelen: ondervacht is veel zachter en pluist enigszins. Op de benen en het hoofd van de lakeland zien we graag wat langer haar en dat trimmen we minder uit. Vandaar dat deze delen vaak lichter van kleur zijn.

Voeding

Ook over voeding staat een hele verhandeling in het boek van Cees en Hugo, die zeker de moeite waard is.

Als je je pupje bij mij haalt met zo'n negen weken, dan krijgt die nog 4 maaltijden per dag. Dat varieert van brokjes en blikvoer tot mijn moeders gehaktballen (daar zegt niemand nee tegen). Ik geef nadere instructies mee. Regel is dat ik niet geloof in duur voer. De meeste commerciële voeders bevatten gewoon alles wat erin moet zitten. Dinners hebben vaak erg veel granen en leveren daardoor ook veel afval, dus die gebruik ik bijna nooit. Mijn standaard hondevoer voor de volwassen honden is een huismerkvoer uit Duitsland. Kijk gewoon eens bij jezelf in de buurt waar men hondevoer verkoopt en probeer uit. Vermijd echter de huismerk voeders van AH, Vomar, Emte en dergelijke. Deze zitten bomvol granen. De Aldi heeft wel een heel goed huismerkvoer 'Romeo' (het is eigenlijk een Duits voer en daar ligt de norm een stuk hoger dan bij ons). In Brabant is er de Boerenbond. Elders is er vast ook wel wat en natuurlijk is er gewoon de dierenzaak. Blikvoer is een prima voer om als extraatje 1 of 2 brokken vlees door de droge brokken te mengen. Ook vuile of groene pens is zeer geschikt als mengmiddel door je droge brokken of als volledige maaltijd met bruin brood. Terriers lusten meestal ook fruit en groente (bij mij eten ze peren, appels, bananen, tomaten, sla (mits aangemaakt), olijven zonder pit, nectarines - ook zonder pit, deze kunnen erg gevaarlijk zijn -, asperges, lyches, etc. etc.) Ananas is bijzonder gezond en kan behulpzaam zijn als je een hond hebt die ontlasting eet (van andere honden of van mensen). Ook banaan schijnt daar goed tegen te helpen, evenals karnemelk. En karnemelk is ook erg goed tegen maag- en darmklachten. Bruin brood met karnemelk helpt tegen diarree én verstopping. Rijst met tomaten danwel kippevlees wordt ook vaak tegen diarree aangeraden. Veel mensen zijn er van overtuigd dat melk funest is voor de hond, maar als je van jongs af aan geregeld melk geeft ontwikkelen de meeste honden geen allergie en ze vinden het erg lekker. Een vriendin en collegafokker van mij geeft dagelijks melk aan haar Lakelandjes en dat werkt prima. Bij mij krijgen ze het soms als extraatje en het is handig als je ergens bent waar ze niet willen drinken. Bv. op vakantie smaakt het water anders dan thuis en dat wekt soms een drinkremming op. De hond moet toch zijn vocht binnenkrijgen en dan geef ik wat melk. Een andere aanrader is cola wanneer de hond een buitengewone inspanning verricht of heeft moeten verrichten , zoals het werpen van puppies. Niet iedere hond houdt van de bubbels, dus even schudden voor gebruik. Tot de leeftijd van zo'n 6 maanden moet je puppyvoer aanhouden, daarna kun je overstappen op iets anders. Bij mij krijgen ze puppybrokjes voor kleine hondenrassen van het merk Fokker en blikvoer uit Duitsland. Bij grote rassen wordt er vaak veel nadruk op gelegd dat het belangrijk is dat de pup niet te snel groeit, omdat dat slecht is voor de botten. Bij kleine rasssen is hier weinig aandacht voor, maar toch pleit ik ervoor ook bij kleine rassen op te letten voor een te snelle groei. Vandaar dat ik wel kies voor een hoogwaardig pupvoer. M et "Fokker Puppy-junior small breed Chicken & Rice" heb ik hele goede resultaten en ik raad de mensen die bij mij een pupje halen ten zeerste aan zeker de eerste zes maanden dit voer of een vergelijkbaar hoogwaardig product te gebruiken.

Voedsel afnemen.

Vanuit de dierenwereld is het bij hondachtigen zo geregeld, dat ieder individu tot de ranglaagste aan toe het recht heeft zijn voedsel te verdedigen. Voedsel onder dwang afpakken is derhalve zeer onnatuurlijk en is een van de punten waarbij de meeste bijtgevallen voorkomen.

Toch willen wij graag gewoon bij de bak kunnen en het lijkt me ook erg wenselijk dat de kinderen door de keuken kunnen blijven lopen zonder vervaarlijk grommende hond in een van de hoeken. Het is zaak de hond te leren dat het leuk is als er mensen bij de voerbak komen. De beste manier om deze boodschap over te brengen is door een lege bak te geven en daar brokjes of een stukje kaas o.i.d. in te leggen, terwijl de hond erbij staat.

Bouw dit op naar een halfvolle bak waar nog wat extra's bij komt etc.

Dit doe ik ook met kauwbotjes als chewees e.d. Soms moet je die afpakken omdat ze zo klein zijn geworden dat de hond zich erin kan verslikken. Als hij niet gewend is dat jij je ermee bemoeit, is dat juist een reden waardoor hij zich verslikt. Daarom leren we de hond al als pup dergelijke zaken af te geven door ze te ruilen voor iets lekkerders. Snapt hij het principe dan kun je iets ook gaan afpakken in ruil voor een knuffel.

Dit is tevens een onderdeel van de training 'los' op bevel.

Voer als beloning.

Voer als beloning kan soms goed werken, maar in de regel gebruik ik het niet. Voedsel is een eerste levensbehoefte en als ze daarvoor moeten werken, kunnen ze erg voedselgericht worden. Zo was mijn herder als jonge hond plotseling erg scherp naar zowel mensen als dieren. Dit kwam omdat ik brokjes was gaan meenemen in mijn jaszak als beloning en hij nu jas en brokjes verdedigde tegen eventuele kapers op de kust. Ik liet de brokjes thuis en hij was weer zijn lieve zelf.

In huis heb ik altijd op z'n minst 1 bakje met droge brokken staan waar naar believen uit gegeten kan worden. Aangezien ze drie keer per dag lekkerder eten krijgen, blijven ze meestal onaangeroerd. Mocht iemand echter honger krijgen, dan kan hij z'n gang gaan. Ik ben er heilig van overtuigd dat dit een van de redenen is dat mijn honden niet agressief tegen elkaar zijn bij het eten en zelfs gezamelijk botjes (d.i. chewees, buffelhuidbotten e.d.) kunnen eten zonder oorlog. Nooit botten van gevogelte, karbonade o.i.d. dergelijks geven!!! Deze kunnen inwendig ernstige schade veroorzaken.

Belonen met voedsel maakt ook dat de hond vaak zo obsessief naar het voedsel kijkt dat hij niet oplet wat hij verder doet en, zoals ik eens met een herder meemaakte, over een stel balken springt, zich misrekent en op 1,5 meter hoogte op een balk komt te hangen met zijn ballen. Pijnlijk!

Ik beloon met mijn stem en knuffels en aan het einde van de trainingssessie (dat kan dus ook zijn als je thuiskomt) een lekker stukje kaas of worst.

Een vriend van mij – die van bovengenoemde herder – gaf zijn hond altijd een stukje kaas als hij thuiskwam na de wandeling, behalve als de hond gevochten had. Deze hond knokte wat af, al gebeurde er nooit wat ernstigs, en dat was niet bijster prettig. Niets hielp, want straffen als hij zo bezig was geweest, maakte geen indruk (al die adrenaline), maar na zo'n 6 maanden met de kaas, begon het knokken toch af te nemen. Ik weet nog steeds niet of dat kwam doordat de hond ouder werd, of dat het door de kaas kwam, maar het is in ieder geval de moeite van het proberen waard.

Let ook nog op op giftige planten in je huis en tuin. Ik heb geen volledige lijst, maar Azalea en Rhodondendron zijn giftig, net als Taxis. pups knagen aan alles, oppassen dus.

Natuurlijk heb je je electriciteitskabels weggeborgen, evenals schoonmaakmiddelen en al het andere wat een gevaar kan opleveren voor een levendig, ondernemend, knauwgraag hummeltje (en dat duurt wel een flink aantal maanden voordat ze dat niet meer zijn). Een hond heeft geen handen en onderzoekt alles met zijn bek en terriers zijn er niet zachtzinnig mee. Dat kan een gevaar opleveren voor meubilair, paperassen, handen en andere lichaamsdelen. Zorg voor afleiding en probeer zo min mogelijk straf te gebruiken. In dit geval kan dat wel eens moeilijk zijn, want als de vlijmscherpe tandjes eenmaal een stevige grip op je hand hebben, wil je ze zo snel mogelijk ertoe bewegen los te laten én wil je dit in de toekomst graag voorkomen. Toch heeft straf als het grijpen van zijn nekvel meestal alleen een tijdelijk resultaat of als het wel blijvend is, leidt het meestal tot angst voor jouw grijpgrage handen. Voorkomen dus, door de pup strategisch op te pakken, d.w.z. hand onder de borst om te steunen, maar dicht genoeg onder zijn kop om te voorkomen dat hij naar beneden kan reiken om te happen. Knuffeltje aanbieden met de andere hand en vooral veel liefde geven. Als hij bij het spel te wild is, kan het stoppen met het spel nog wel eens een goede aanpak zijn. Bij sommige honden werkt echter ook dit niet en als je er dan mee door blijft gaan, leert hij alleen maar dat hij zich ook alleen kan vermaken en jou niet nodig heeft. Voor iedere aanpak van ieder probleem geldt: werkt het niet, ga dan over op iets anders. Langdurige aanpak van problemen d.m.v. negeren kan pas bij honden die wat ouder zijn en die niet meer bezig zijn dagelijks over het leven te leren.

Houd er rekening mee dat met ca. 5 maanden de hond begint te wisselen, dan nog even vreselijk knaagzuchtig is, omdat zijn tanden zeer doen en daarna opeens veel minder bijterig wordt. Dan wordt het werken aan dit probleem opeens ook veel makkelijker. Immers als hij het minder vaak doet, begrijpt hij ook dat de afleiding specifiek voor het bijten bedoeld is en niet voor al het andere waar hij ook mee bezig is.

Naast dit speels bijten is er overigens ook nog het boos worden omdat de pup zijn zin niet krijgt. Speeltje aanbieden, maar met de stem mopperen (foei, ben jij betoeterd. Nee, niet bijten hoor!). Helpt dit niet dan kun je ook zijn eigen voorpoot in zijn bek duwen (draai hem niet uit de kom a.u.b!), dan voelt hij zelf wat hij doet.


Hier gaat het verder met deel 3.


divider